donderdag 10 september 2015

Migratiecrisis. Pleidooi voor durf en daadkracht. Brief aan Bart De Wever.

Beste Bart,
 
In een interview met Het Laatste Nieuws geeft u te verstaan dat u zich geen schuldgevoel laat aanpraten.  Uw vaderhart bloedt bij het zien van de foto van het aangespoelde lijkje maar verder gaat het niet.  Daar stopt het.  Elke persoonlijke verantwoordelijkheid wijst u af.  Dat beweert ook niemand.  Nergens heb ik gelezen of gehoord dat u zelf verantwoordelijk zou zijn voor die jammerlijke dood.  In uw privé hoedanigheid wordt u geen enkele schuld aangewreven of aangemeten.  Maar u bent politicus.  Dat is uw beroep.  Binnen het kader van dat beroep dient u de problemen te detecteren en dient u te zoeken naar oplossingen.  Het lijkt mij een understatement te beweren dat de recente asielcrisis één van die problemen is.  Het lijkt mij eveneens een understatement te beweren dat de politieke klasse tot op vandaag faalt in het zoeken naar een humaan antwoord op deze problematiek.  U bent lid van de politieke klasse.  In die hoedanigheid bent u medeverantwoordelijk voor het jammerlijke falen in de zoektocht naar een uitweg uit de crisis.
 
Blijft u en uw partij afzijdig in dit debat? Geenszins.  Dat zou ik niet durven te beweren.  Wat ik wel durf, is een aantal kritische bemerkingen te maken bij enkele recente uitlatingen van u en enkele partijgenoten.  Vooreerst wens ik u aan te spreken op uw taalgebruik.  U lijkt alles op een hoopje te gooien.  Vluchtelingen noemt u criminelen en terroristen.  Geen enkele nuance.  U scheert alle vluchtelingen over dezelfde kam.  In deze toestroom van vluchtelingen ziet u enkel een gevaar.  Dat is jammer.  Velen zien in deze toestroom nochtans een opportuniteit.  Verscheidene bedrijfssectoren zien in die komst een mogelijkheid om een reeks knelpuntberoepen in te vullen.  De UGent helpt vluchtelingen via een voortraject zich voor te bereiden op hogere studies om hen zo de mogelijkheid te geven een positieve bijdrage te leveren aan de maatschappij.  Beide initiatieven baden in positiviteit en vormen zo een heuse tegenstelling met uw visie.  Met die visie infecteert u de beeldvorming en legt u reeds bij voorbaat een zware hypotheek op een integratie, die voor de meeste vluchtelingen nog moet starten.  Bovendien ontkent u met uw uitspraken internationale studies, die aangeven dat migranten de welvaart verhogen.
 
Maar mijn kritische bemerkingen overstijgen uw taalgebruik.  Ook bij uw standpunten durf ik de nodige vraagtekens plaatsen.  U pleit voor een apart statuut voor erkende vluchtelingen.  U lijkt geen aanstoot te nemen aan het feit dat u met dit standpunt frontaal in botsing komt met de Conventie van Genève.  In die Conventie staat klaar en duidelijk gestipuleerd dat vluchtelingen niet mogen worden gediscrimineerd.  Zij moeten in ondersteuning en bijstand op eenzelfde manier behandeld worden als de eigen ingezetenen.  Uw vraag om een apart statuut lijkt voort te komen uit uw bezorgdheid om onze sociale zekerheid.  Want, zo vertelt u verder, erkende vluchtelingen genieten van alle voordelen zonder zelf ooit bijgedragen te hebben.  U gebruikt hiervoor het woord ‘profiteren’.  Toch kunnen cijfers ook hierin enige nuancering brengen.  Op het moment van hun erkenning blijkt 19% arbeidsmarktactief te zijn.  Vier jaar later is dat percentage opgelopen tot 55%.  Diezelfde studie geeft aan dat 57% van de vluchtelingen op het ogenblik van hun erkenning afhangt van maatschappelijke steun.  Na vier jaar is dat geslonken tot 25%.  Die nuance brengt u niet.  Alweer scheert u allen over dezelfde kam.
 
U houdt een pleidooi voor een faire verdeling van de vluchtelingen over Europa.  Dit jaar kwam Commissievoorzitter Juncker met een voorstel om veertigduizend asielzoekers te spreiden over de EU-landen.  Dit zou gebeuren op basis van objectieve parameters.  Dit voorstel lijkt in grote mate op uw vraag tot een billijke spreiding.  Het verbaast mij dan ook te lezen dat de vier N-VA leden van het Europese Parlement tegen deze resolutie stemden.  Uw bezorgdheid om het creëren van een Europees draagvlak lijkt niet gedeeld te worden door uw eigen parlementsleden.
 
Op een ander moment blijkt u een verdediger te zijn van eigen grenscontroles.  Omdat dat een maatregel zou zijn, die de bevolking logisch vindt.  Ik zou hier een vurig debat kunnen houden dat het niet altijd verstandig is de logica en wensen van de eigen bevolking te volgen.  Toch doe ik het niet.  Het zou mij te ver leiden.  Dat wil ik niet.  Focus, dat is wat ik wil.  Grenscontroles, dat is wat u wil.  Europa zou u het evenwel verbieden.  Alweer vertelt u niet het hele verhaal.  Want binnen het verdrag van Schengen bestaat de mogelijkheid dat een land voor een beperkte periode opnieuw grenscontroles kan invoeren.  
 
Tot slot wil ik nog even stilstaan bij het voorstel van uw ondervoorzitter Sander Loones.  Hij stelt voor dat asielzoekers die vanuit Turkije via de Middellandse Zee naar de EU reizen moeten teruggeduwd worden naar een Turkse haven.  Als dit voorstel zou worden getoetst aan internationale rechtsregels en verdragen zal moeten blijken dat dit voorstel geen enkele kans van slagen heeft.  De Conventie van Genève, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en allerlei internationale VN verdragen geven dit voorstel een onvoldoende.  Op alle vlakken lijkt dit voorstel gebuisd.  Dat blijkt ook uit de praktijk.  In 2013 werden Griekenland en Bulgarije door de Europese Commissie op de vingers getikt omdat zij vluchtelingen terugstuurden naar Turkije.  De Commissie reageerde hiermee op een vraag van UNHCR.
 
Uw uitspraken doen mij denken aan die ene slogan, nog uitgedacht door Mieke Vogels: veel blabla, weinig boemboem.  Nergens lijken uw voorstellen ook maar enig begin van oplossing te suggereren.  Of zij botsen met internationale verdragen, of zij vertellen slechts de helft van het verhaal.  Uw spierballengerol lijkt enkel bedoeld voor de eigen achterban.  Terwijl uw Staatssecretaris voor Asiel en Migratie door de omstandigheden gedwongen wordt een beleid te voeren, dat in bijna alles het tegendeel lijkt te zijn van wat uw kiespubliek voorstaat en wenst, tracht u door uw geblaat dat beeld enigszins bij te sturen.  In de hoop dat uw woorden het zullen halen boven de daden.
 
Om terug te komen op het beeld van de dode Aylan.  Neen, ik wil de schuld voor zijn dood niet in uw schoenen schuiven.  Maar in uw hoedanigheid van politicus vraag ik u uw verantwoordelijkheid op te nemen en samen met uw collega’s te streven naar een humane en rechtvaardige oplossing.  Stop met het voeden van de angst en de haat.  U zal zeggen dat u dat geenszins doet.  Dat durf ik te betwisten.  In bovenstaande schuilt voldoende bewijs voor die bewering.
 
Beste Bart, zet die plaat af.  Zing vanaf heden een positiever lied.  Een lied, waaruit meer openheid en verdraagzaamheid spreekt.  Een lied, waaruit hoop spreekt.  Het zou mooi zijn.
 
Met vriendelijke groeten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen