dinsdag 30 mei 2017

Uitgelezen: Sterven een levensverhaal. Brief aan Cory Taylor.

Beste Cory,
 
Ik word honderdtwintig jaar.  Dat zeg ik al een tijdje.  Als ik die woorden uitspreek, klinkt er geen twijfel in mijn stem.  Ik ben overtuigd.  U zou kunnen zeggen dat de angst voor de dood mij tot die stelling brengt.  U zou kunnen denken dat ik op die manier de dood voor mij uit wens te schuiven.  Dat is het niet.  Veeleer is het de liefde voor het leven die mij die woorden in de mond legt.  Ik leef graag.  Ik loop graag op deze wereld rond.  Vandaar mijn optimistisch toekomstbeeld.
 
Heel waarschijnlijk dacht u hetzelfde.  Heel waarschijnlijk droomde ook u van een lang en gelukkig leven.  Voor u draaide het anders uit.  Er werd bij u kanker vastgesteld.  Uw levensprognose zou ingekort worden.  Daarover waren de behandelende artsen duidelijk.  Honderdtwintig zou u niet worden.  Eénenzestig, zo oud zou u worden.  Geen dag langer.  Het leven kan hard zijn.  Datzelfde leven kan u dwingen verwachtingen en dromen snel bij te stellen.
 
Plots werd de dood uw nieuwe levensgezel.  Overal waar u heenging, reisde de dood mee.  U werd gedwongen te zoeken naar een manier om met die diagnose om te gaan.  Te zoeken naar een juiste relatie met die nieuwe levensgezel.  Dat ging niet vanzelf.  Dat verliep via een moeilijk proces.  Een proces met vallen en opstaan.  Een proces, waarin aanvaarding wisselde met weerstand.  In uw boek laat u ons hiervan getuige zijn.  
 
Om die nieuwe relatie te bepalen, moet je antwoorden vinden op vragen, die nog nooit werden gesteld.  Moet je een uitweg vinden.  Een vluchtweg.  Een vluchtweg meent u te vinden in zelfmoord.  Omdat u dan de regie van uw dood in handen houdt en neemt.  Euthanasie is in uw land niet wettelijk geregeld.  Hulp bij zelfdoding is strafbaar.  Zelfmoord lijkt u de enige oplossing.  In China bestelde u een euthanasiemiddel.  Via internet.  Dat middel bewaart u op een plekje, enkel door u gekend.  U denkt na over zelfmoord.  Maar u twijfelt het ooit te doen.  Omwille van de emotionele gevolgen bij anderen.  Omwille van de gevolgen voor echtgenoot en kinderen.  Bovendien acht u zelfdoding te egoïstisch.  Te eenzaam.  Maar de wetenschap dat u toch de mogelijkheid hebt, biedt u een zekere troost.  Een zekere gemoedsrust.
 
Die gemoedsrust is belangrijk.  U was getuige bij de dood van uw moeder.  U zag haar aftakeling.  Haar verdriet.  Haar vernedering.  Haar verlies van zelfstandigheid.  Dat wenst u niet.  U beseft dat bij uw naderende dood het verlies zich opstapelt.  Zich ophoopt.  Pleziertjes vallen weg en laten een leegte achter.  Als die leegte te groot wordt, wil u er uit stappen.  Dat moment wil u bepalen.  Als u de moed hebt.  
 
U zoekt antwoorden.  Op vragen.  Door u en anderen gesteld.  U denkt na over godsdienst.  Over angst.  U gaat na of u belast wordt met een zekere spijt over het verleden.  Of u niet gekweld wordt door het leven dat u niet hebt geleid.  Dat u had kunnen leiden.  U denkt na over het leven na de dood.  Over hoe u zal herinnerd worden.  U denkt na over de prioriteiten in het leven.  Bij u zelf gaat u na of u de juiste prioriteiten hebt gesteld.  U denkt na of de naderende dood u ongelukkig maakt.  Of u zelfs in die fase enig geluk kan ervaren.  U denkt na over het nemen van grotere risico’s.  Over het opstellen van een bucket list.
 
U blikt terug.  U kijkt achterom.  Omdat net dat troost kan bieden.  U vertelt het verhaal van uw familie.  Van moeder.  Van vader.  Van grootmoeder.  Van broer en zus.  U vertelt over de verhoudingen binnen de familie.  In dat achteromkijken neigt u naar mildheid.  Afstand treedt binnen.  Die afstand verleidt u tot een milder oordeel.  U wil het verleden ontdekken.  Niet enkel voor u.  Ook voor uw kinderen.  Ook voor uw echtgenoot.  Zodat zij in uw verhaal antwoorden kunnen vinden.
 
U schrijft over uw zorgeloze kindertijd.  Over de door u ontdekte en door u beleefde magie van het schrijven.  U schrijft over begeerte.  Over liefde.  U schrijft over het zoeken van een plaats.  Van een juiste rol in het leven.
 
Ik lees uw getuigenis.  Hoe meer ik lees, hoe overtuigder ik ben dat u voor uw boek de juiste titel koos.  Sterven, een levensverhaal.  Dood en leven horen samen.  Hoeven niet geïsoleerd van elkaar te bestaan.  Zij vormen een eenheid.  U bestrijdt de angst voor de dood.  Die angst houdt ons weg van de dood.  Verhindert ons na te denken over de dood.  Die angst bemerkt u bij vrienden.  Bij artsen.  Bij verplegenden.  Zij vermijden het onderwerp.  De dood is niet bespreekbaar.  Dat wilt u niet.  U wil vertellen.  U wil getuigen.  Een moedige houding.
 
Bovendien dwingt u de lezer na te denken.  Na te denken over zijn leven.  U dwingt de lezer antwoorden te zoeken op de door u gestelde vragen.  Net als u heb ik achterom gekeken.  Naar mijn leventje.  Ik heb nagedacht over hoe ik in het leven sta.  Over de dingen, die ik deed of niet deed.  In uw schrijven over de dood heb ik mijn leven gereconstrueerd.  U werd de biograaf van mijn leven.  Bij het lezen van uw boek slopen herinneringen binnen.  Herinneringen aan mijn familie.  Aan mijn vrienden.  Uw dood werd mijn levensverhaal.  Terwijl u bezig was met sterven, was ik bezig met intenser te leven.  Het klinkt allemaal bizar.  Ik hoop dat u het kan begrijpen.
 
Ik wil u danken.  Het lezen van uw boek heeft mijn zin in het leven nog versterkt.  Heeft mijn liefde voor datzelfde leven nog intenser gemaakt.  Ik hou uw boekje bij de hand.  Want hoewel u over de dood en het sterven schrijft, schuilt in uw boek een grote levenswijsheid.  Mij in die wijze levenslessen wentelen, zal ik nog vaak doen.  Dat weet ik nu reeds.
 
Beste Cory.  Ik weet niet waar u bent.  Ik weet niet of u er nog bent.  Maar ik wens u het allerbeste.
 
Met vriendelijke groeten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen